De Hongaarse wijnregio Villány-Siklós is de meest zuidelijke wijnregio van Hongarije en ligt tegen de Kroatische grens.

Villány-Siklós produceert schitterende rode wijnen, die tot de absolute top van Hongarije behoren. De dominantie van de rode wijnen is te danken aan de Serviërs (Rács) die vluchtend voor de Turken de kadarka druif meenamen. Duitse kolonisten uit Bavaria (Svábs) brachten de portugieser en niet veel later kwam de kékfrankos.

De grond in Villány-Siklós bestaat uit loess gemixt met rode klei en bruine bosgrond op de kalk ondergrond van de bergen van Villány. Het landschap wordt gedomineerd door een reusachtige rots: de Szársomlyó. Aan de zuidelijke zijde van deze rots ligt de wereldberoemde wijngaard Kopár (kaal, dor). Andere belangrijke wijngaarden kregen van de Duitse kolonisten ook Duitse namen:

Het mediterrane klimaat zorgt voor buitengewoon goede omstandigheden om heerlijke volle, zware wijnen te maken. Villány-Siklós is één van de Hongaarse wijnregio`s met het grootste aantal zonne-uren per jaar alsmede de hoogste gemiddelde temperatuur. Het aangename klimaat heeft een voelbare warme luchtstroom uit de Middellandse Zee. In het noorden beschermen de bergen van Villány tegen de koude wind. De nabije rivier Drava zorgt voor dauw op de wijnstokken, wat in de zomer belangrijke insecten aantrekt.